Op de camping was altijd wat te doen. We gingen volksdansen onder bezielende leiding van Tjerkien Bijtelaar. Ik was altijd verliefd op de wat oudere meisjes die dan ook in een oudere groep zaten. Ik was de jongste van onze groep jongens (mijn drie neven en mijn broer) en mocht daar niet naar binnen. Toch wist ik mij soms naar binnen te praten of glipte ik met de anderen mee naar binnen.
Zo danste ik dolgelukkig de Trojka of een immer terugkerende /Israëlische dans tussen de door mij aanbeden meiskes.
Verder struinden we rond, verkochten schelpen, verzamelden statiegeldflessen of rausden ze onder de luifels vandaan bij het jongeren kamp. Af en toe bedelden we hier en daar wat te eten bij alle kennissen op vak groen.
Een avontuur werd het wanneer we naar. de vuilnisbelt gingen. Ver achter de konijnenberg, richting waddenkant lag de vuilnisbelt. Het was een heuvel gelegen tussen de duinen en herkenbaar aan de eeuwige zwerm meeuwen die erboven cirkelde.
Op de vuilnisbelt, de jongens van Querngester voorop, aangekomen kon je van alles vinden wat afgedankt was van het schietkamp op de Vliehors. Er lagen hele dashboards van Jeeps, reusachtige raket hulzen. Aan het zoeken en verzamelen kwam abrupt een eind wanneer we het geluid van een naderende tractor hoorden. Dat was de vuilnisman en dan maakten we dat we wegkwamen.